Voorkomen schade aan monumentaal stationsgebouw door trillingssensoren
Het kan maar zo gebeuren: een stationsgebouw dat trilt op haar grondvesten, waardoor er scheuren of fundamentele schade ontstaat. In Groningen een realistisch scenario gezien de ervaringen met gaswinning en de verbouwingen die gaande zijn.
Trillingssensoren
Dit is genoeg reden voor NS om te bekijken hoe zij het monumentale stationsgebouw zo goed mogelijk kan beschermen. Een preventief hulpmiddel daarbij zijn de trillingssensoren die in het gebouw zijn geplaatst. NS Regiomanager Onderhoud Eelco Vinke vertelt: “Door deze sensoren kunnen we sneller en adequater actie ondernemen als we een ongewenste trilling van het gebouw waarnemen. Daardoor kunnen we direct actie ondernemen en (verdere)schade voorkomen.
Hoe werkt het?
Het werkt als volgt: in het stationsgebouw zijn op verschillende locaties trilling-sensoren aangebracht die een eventuele trilling van het gebouw meten. Op het moment dat er een trilling is krijgt het onderhoudsteam van NS daarvan een melding. Wanneer we inloggen in het systeem dat gekoppeld is aan de sensoren, kunnen we op de seconde nauwkeurig terugzien wanneer en waar de trilling is geweest. Toen er bijvoorbeeld werd gewerkt aan de winkelruimten in het gebouw leverde dat trilling op. Gelukkig was de trilling beperkt en binnen de gestelde marges waardoor er geen risico’ s waren voor het gebouw. Maar ieder gebouw is uiteraard anders. Een rijksmonument, zoals het stationsgebouw in Groningen, heeft een andere fundering dan een moderner gebouw en daarnaast heb je te maken met verschillende condities van grondlagen. Allemaal factoren die een rol spelen bij het vaststellen van de trillingsnorm per locatie en gebouw.”
Ervaring opdoen
Het project met de trilling-sensoren is nu nog in een proeffase. Eelco: “Deze techniek is zeker niet nieuw in de bouwwereld, maar bij NS is het wel de eerste keer dat we dit gebruiken. We hebben onderzocht welke mogelijkheden er zijn, vervolgens een keuze gemaakt voor het systeem en nu zijn we aan het finetunen hoe we hier goed mee kunnen werken. Wat is de juiste trillingsnorm, hoe gaan we om met opvolging van meldingen. Allemaal zaken die we zorgvuldig, samen met partners uitwerken. Maar de eerste ervaringen zijn goed, we kunnen nu heel snel reageren en bijvoorbeeld direct een specialist inschakelen om zaken te onderzoeken, verdere schade te voorkomen, beheersmaatregelen te nemen en daar waar mogelijk al te herstellen. Ik kijk ernaar uit dat we deze techniek op grotere schaal kunnen gaan toepassen zodat we onze prachtige monumentale gebouwen in optimale staat kunnen behouden.”