Een stukje 'thuis' op de bouwplaats: Anneke Tieks en Willeke Dijkstra over hun werk in de keet
Links: Anneke Tieks, rechts: Willeke Dijkstra.
In de bouwsector werken alleen maar mannen? Welnee! Vrouwen op de bouwplaats zijn al lang geen uitzondering meer. Anneke Tieks en Willeke Dijkstra zijn hiervan het levende bewijs. Zij werken in de keet van Strukton, die midden op het bouwterrein staat. Samen zijn ze verantwoordelijk voor het reilen en zeilen van de keet, waar een aantal kantoren gevestigd is en de werklieden dagelijks hun pauzes doorbrengen. In dit artikel vertellen Anneke en Willeke meer over hun functies én leggen ze uit wat hun werk precies zo leuk maakt.
Jullie werken allebei in de keet. Wat is precies jullie functie?
Anneke: "Dat klopt, we werken in de keet van Strukton, die vlak naast de bouwplaats staat. Ik werk hier als receptioniste. Ik ben het eerste aanspreekpunt voor bezoekers en medewerkers. Iedereen die binnenkomt, wordt door mij ontvangen. Daarnaast ben ik o.a. verantwoordelijk voor het verwerken van de post, administratieve werkzaamheden, reserveren van vergaderruimtes, het maken van hotelreserveringen en verricht ik een aantal facilitaire werkzaamheden."
Willeke: "Ik ben onder andere verantwoordelijk voor het schoonmaakwerk in de keet. Ik vind het belangrijk dat het netjes en opgeruimd is, zodat iedereen op een goede manier z'n werk kan doen. Daarnaast zorg ik ervoor dat er tussen de middag koffie en een lunch klaarstaan voor iedereen die buiten aan het werk is."
Waar ligt de focus van jullie werk?
Anneke:"Dat ligt vooral op het ontvangen en registreren van bezoekers. Nu is het aantal bezoekers natuurlijk sterk gelimiteerd door corona, maar in principe krijgt iedereen die de bouwplaats betreedt, een bezoekerspas en persoonlijke beschermingsmiddelen. Deze reik ik uit en aan het eind van het bezoek worden deze weer bij mij ingeleverd."
Willeke: "Ik vind het belangrijk dat het gezellig is, dat er een goede sfeer hangt. Het moet huiselijk aanvoelen. Er zijn regelmatig collega's die een langere tijd in een hotel in de buurt moeten overnachten omdat ze verder weg wonen. Op deze manier probeer ik hen toch een 'thuisgevoel' te bezorgen."
Wat is er bijzonder aan jullie werkplek/werkomgeving?
Anneke: "Ik vind het ontzettend bijzonder om mee te werken aan de realisatie van zo'n groot en mooi project. En vooral het feit dat je er van begin tot eind bij betrokken bent. Nu zie je dat het nog echt een bouwkuip in wording is, maar het gaat natuurlijk steeds meer vorderen in de loop van de tijd."
Willeke: "Daar sluit ik me helemaal bij aan. Het leuke is dat je van dichtbij meemaakt hoe van niets iets wordt gemaakt. We zijn vanaf het begin bij het hele proces betrokken en je ziet het station iedere dag een klein beetje veranderen."
Wat vinden jullie het leukst aan jullie werk?
Anneke: "Dat ik het eerste aanspreekpunt ben van mensen en het leuke contact met collega's en bezoekers en de diversiteit aan werkzaamheden en verantwoordelijkheden."
Willeke: "Het leukste deel van mijn werk vind ik het bereiden van de maaltijden. Eerst hadden we alleen een broodtafel met wat beleg, maar vanaf aankomende week gaan we ook iets extra's bieden. Zo gaan we bijvoorbeeld broodjes gezond maken, broodjes bal gehakt en heerlijke verse soep. Dat is toch wel echt waar mijn hart ligt: mensen blij maken met een lekkere maaltijd."
Wat vinden jullie ervan dat jullie een bijdrage kunnen leveren aan het project Groningen Spoorzone?
Anneke: "Ik vind het geweldig dat we met z'n allen zo'n mooi project mogen neerzetten, het is echt een samenwerking. We zijn begin januari met een groep van Strukton allemaal op dit project gestart. De meesten werkten al voor Strukton, maar ze zaten tot voor kort nog op andere projecten. Het is ontzettend leuk om hier als nieuw team te mogen starten."
Willeke: "Ik vind het erg leuk! Ik ben een geboren Brabantse, maar ondertussen woon ik alweer eenendertig jaar in Groningen. Als meisje van 9 ben ik hier komen wonen en Groningen is vanaf het begin mijn thuis geweest. Om dan aan zo'n groot project mee te mogen werken, dat geeft me wel een heel trots gevoel als stadjer."